| Powered by eSnips.com |
VROOMSHOOP - Evangelist ben je voor leven. Zo simpel is dat
volgens Wout van Beek die in oktober tachtig hoopt te worden. Nog steeds gaat
er geen zondag voorbij of hij gaat met zijn vrouw Diny het land in om het
evangelie sprekend en zingend te verkondigen.
Met
enige regelmaat spreekt Van Beek voor de plaatselijke Pinkstergemeente en
donderdagmorgen is hij in de seniorendienst (aanvang 10 uur) van de
tentcampagne 'Geloof het of niet' van het Nederlands Bijbelstudie Centrum aan
de Oranjestraat. Sinds vijf jaar wonen Wout en Diny in Vroomshoop. Wout had
van 1950 tot 1955 als evangelist in Vroomshoop gewerkt, en nadat hij in vele
andere plaatsen (onder meer Leeuwarden, Breda, Oostermeer en Spijkenisse)
werkzaam was geweest, wilde hij dolgraag naar Vroomshoop terug. Want hier had
hij toch wel de mooiste jaren beleefd, en de warmste contacten gehad. Niet in
het minst doordat hij er voor de bijverdienste ook twee jaar melkboer was. Hij
kwam in 1950 als jongeman naar het Kanaaldorp. Hij had er toen een jaar op
zitten als evangelist in Stadskanaal, en vandaaruit kwam hij aanvankelijk
alleen voor de zondagse bijeenkomsten op de fiets naar Vroomshoop. Om de vijf
gulden reisgeld uit te sparen die hij kreeg voor de trein en de bus. Want meer
dan die vijf gulden kreeg hij niet... Zijn 'nieuwe leven' begon op een dag in
1947 aan boord van het fregat Jaco van Heemskerk in de Javazee. Hij had zich
als vrijwilliger gemeld voor de actie in Nederlands-Indië. Hij had zijn
bijbeltje mee en elke dag zat hij daarin te lezen. Op een dag vertelde een
andere soldaat hem over de wederkomst van Jezus en zong voor hem het lied 'Vol
verlangen blijf ik uitzien...' Toen - op een manier die hij verder ook niet
kan uitleggen - is voor Wout van Beek het leven veranderd. "Ik ben toen een
nieuw mens geworden." Het is voor hem nog steeds een diep gevoelde emotie die
hij mooi verwoord vindt in een lied dat hij graag zingt: 'O, blijde dag, o,
zaal'ge stond dat ik in Jezus mijn Heiland vond.' Een jaar later kreeg hij in
Soerabaja 'de grote doop.' Nog later, tijdens een uitvaart op het kerkhof van
Soerabaja, stapte hij naar voren toen gevraagd werd of iemand nog wat wilde
zeggen. "Waar ik de moed vandaan haalde weet ik niet, maar ik deed het. Bij
die uitvaart was ook zuster Alt, in die jaren heel bekend in de
Pinksterbeweging. Zij legde haar hand op mij toen ik gesproken had, en ze zei:
God roept je als evangelist." Zo simpel is het volgens Van Beek gegaan en
nooit heeft hij getwijfeld. Niet aan het geloof, niet aan zijn roeping. "Dat
kan ook niet, want Gods woord is waarheid." In Nederland vond hij emplooi in
Stadskanaal, waarna Vroomshoop en een rits van andere plaatsen volgden.
Bijzonder is dat Van Beek niet alleen spreekt bij bijeenkomsten en diensten,
maar ook zingt. Liederen van Johannes de Heer, lofzangen, psalmen. In de loop
van zijn leven zijn diverse platen en cassettes van hem uitgebracht en de
laatste jaren negen dvd's, met titels als 'De Heer tegemoet!.' Met
orkestbegeleiding en met christelijke teksten op bekende melodieen als 'Droomland.'
Stoppen met zijn 65e is voor Van Beek nooit aan de orde geweest. Ook
bijvoorbeeld in de supermarkt kan hij zo maar op mensen afstappen met de vraag
of ze Jezus in hun leven kennen. Zo niet, dan wordt het tijd, want volgens Van
Beek is de wederkomst van Jezus aanstaande. Er zijn weken dat hij met zijn
vrouw 700 kilometer rijdt op weg naar bijeenkomsten. "Vaak rijden we op
zondagmorgen al heel vroeg weg. Dan kom je tot Ommen geen auto tegen. En dan
zeggen we vaak tegen elkaar: kijk eens hoe mooi het allemaal is. Gods
schepping is zo mooi, hoe mooi moet dan de hemel wel niet zijn." Dan: "We zijn
niks. Jezus doet het." Na afloop van het gesprek doet hij uitgeleide naar de
voordeur van zijn huis aan De Bunte en wenst hij Gods zegen toe. Naast de deur
hangt een bordje met de tekst 'Ebenhaezer.' 'Tot zover heeft de Heer ons
geholpen', betekent het. Evangelist voelt zich goed in Vroomshoop: "Maar wij
zijn niks. Jezus doet het."